Nieuwe leidraad: Design Thinking voor Smart Mobility

Datum: 09 jan 2025 Auteur: Irma Puma

In de mobiliteitssector werken we zelden aan simpele puzzels. We bouwen aan een mobiliteitstransitie, terwijl ook opgaven voor bereikbaarheid, veiligheid, leefbaarheid en CO₂-reductie op ons afkomen. Smart mobility biedt kansen, maar roept ook vragen op als: waar begin je, met wie, en hoe maak je van een groot onzeker vergezicht een concreet traject dat echt werkt? Design Thinking biedt een praktische aanpak om daar structuur aan te geven. In de leidraad Design Thinking for Smart Mobility van de MRA kun je zien hoe dat werkt: stap voor stap toewerken naar oplossingen. 

MRA-netwerk DIM werkt al langer met Design Thinking, omdat veel data- en digitaliseringsvraagstukken in mobiliteit per definitie onzeker zijn. Nieuwe databronnen, veranderend gedrag en snelle technologische ontwikkeling betekenen dat je niet alles vooraf kunt dichttimmeren. De leidraad biedt daarbij structuur: samen leren en in korte stappen naar oplossingen toe werken, zonder meteen vast te lopen in te vroeg gekozen oplossingen.

Wat is Design Thinking?

Maar wat is Design Thinking precies? In de leidraad lezen we: Design Thinking is een methode voor integrale probleemoplossing die professionals helpt om met een diverse groep stakeholders (denk bewoners tot technologieontwikkelaars en beleidsmakers) samen te werken aan transitievraagstukken. Belevingsonderzoeker Liesbeth Stam van adviesbureau Goudappel (dat momenteel samenwerkt aan de activiteiten van MRA-netwerk DIM) vult aan: ‘We benaderen die vraagstukken altijd vanuit het dagelijks leven van mensen en de context waarin zij keuzes maken. Het uitgangspunt daarbij is dat oplossingen pas echt werken als je snapt hoe de echte wereld zich gedraagt en waar behoefte aan is.’
‘Bij dat proces werk je niet volgens beproefde methodes, maar maak je bewust ruimte voor verkenning, verschillende perspectieven en experiment’, legt onze eigen adviseur Data en Digitalisering Michiel Prak uit. ‘Nieuwe ideeën worden in een vroeg stadium getoetst en bijgesteld. Een iteratieve aanpak waarbij je iets maakt in een eenvoudige vorm, dat test met gebruikers en vervolgens verbetert en aanscherpt. Groot denken en klein doen noemen we dat.’

Voor wie is het interessant?

Design Thinking is vooral waardevol als de opgave complex is, domeinoverstijgend en nog niet scherp afgebakend. De leidraad schetst precies die situatie voor smart mobility: er is samenhang met wonen, economie en brede welvaart, er is verdeeld handelingsvermogen en de vraag ‘Waar begin je?’ is vaak lastig te beantwoorden. De aanpak past daarom goed bij partijen die werken in een sector waarin veel in beweging is en het eindbeeld niet vaststaat. Denk aan overheden, vervoerders, marktpartijen en kennisinstellingen die aan mobiliteitstransities werken, en daarbij afhankelijk zijn van samenwerking en draagvlak.
Michiel: ‘Het echte probleem moet als het ware nog bepaald worden. Om vervolgens te verkennen welke oplossingsrichtingen kansrijk zijn. Design Thinking is dan ook niet bedoeld voor elke situatie. Als de probleemdefinitie al vaststaat en de oplossingsroute helder is, kun je vaak efficiënter met andere werkvormen werken, zoals Agile.’

Zo werkt het

Een veelgebruikt hulpmiddel binnen Design Thinking is de Double Diamond. Dit model laat zien hoe je in een ontwerpproces afwisselend breed verkent (divergeren) en daarna scherp kiest (convergeren). Het proces bestaat uit vier fasen: onderzoeken, definiëren, ideeën vormen en testen.
In de onderzoeksfase start je met het bekijken van het vraagtsuk vanuit de dagelijkse praktijk. Hier wordt een breed team samengesteld met doorgaans beleidsmakers en andere betrokkenen, zoals data-experts, monteurs, reizigers of bewoners, waarbij iedereen verder moet kijken dan het eigen domein. Oplossingen die binnen één vakgebied logisch lijken, kunnen in de leefwereld van gebruikers of in andere domeinen onverwacht anders uitpakken.

Daarna volgt de definieerfase: focus aanbrengen en keuzes maken. Wat is precies het probleem dat je wilt oplossen? Vanuit een scherpe focus formuleer je een duidelijke ontwerpuitdaging. Liesbeth benadrukt: ‘Het is echt belangrijk om heel goed af te bakenen; je moet voorkomen dat de opgave te groot wordt en je te veel gaat oplossen. Dat gaat ten koste van het resultaat.’

In de fase ideeën vormen proberen de teamleden bewust niet te blijven hangen bij de eerste logische oplossing; verder zoeken en omdenken leidt vaak tot nieuwe en betere ideeën. Kansrijke richtingen werk je vervolgens uit in eenvoudige prototypes, zoals schetsen, storyboards of flowcharts. Deze eenvoudige prototypes helpen om ideeën vroeg in het proces te toetsen.

Tot slot is er de testfase waarbij je kansrijke prototypes toetst bij eindgebruikers en bij het bredere netwerk. Een oplossing heeft namelijk gevolgen voor werkprocessen, beleid en andere partijen. Michiel: ‘Met korte rondes van bouwen, testen en leren stuur je bij. Zo voorkom je dat je twee jaar bouwt om pas bij oplevering te ontdekken dat het anders uitpakt.’ Praktische vuistregel is dat je met vijf gebruikerstesten al veel belangrijke inzichten kunt ophalen. Pas als herhaalde testrondes laten zien dat een oplossing effectief én uitvoerbaar is, wordt het logisch om verder te investeren en op te schalen.’

Ook aan de slag met design Thinking?

Als je werkt binnen een onzekere mobiliteitssector en wil je Design Thinking inzetten voor jouw vraagstuk? Dan kun je de hulp van MRA-netwerk DIM inschakelen. Michiel: ‘Wij helpen je om de werkvorm van de leidraad Design Thinking for Smart Mobility te vertalen naar jouw praktijk.’
‘Design Thinking vraagt tijd, aandacht en een goede begeleiding’, vult Liesbeth aan. ‘Als je zonder zorgvuldigheid allerlei partijen betrekt, kan dat het proces vertragen met een minder kansrijke uitkomst.’